Belasting op tweede verblijven voor de aanslagjaren 2018 - 2019.

Er wordt voor de aanslagjaren 2018-2019 een jaarlijkse directe gemeentebelasting gevestigd op de tweede verblijven, ongeacht het feit of ze al dan niet in de kadastrale legger ingeschreven zijn.

Voor wie?

De belastingplichtige is de natuurlijke of rechtspersoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het tweede verblijf. De hoedanigheid van tweede verblijf wordt op diezelfde manier beoordeeld.

In geval van mede-eigendom is iedere mede-eigenaar de belastingplichtige in verhouding tot zijn wettelijk aandeel in het tweede verblijf (de oudste mede-eigenaar zal de aanslag ontvangen).

Indien er een erfpacht of opstalrecht bestaat is de belastingplichtige de erfpachter of de opstalhouder.

Ingeval van vruchtgebruik is de belastingplichtige de vruchtgebruiker.

Voor verblijfparken:

  • is de belastingplichtige de natuurlijke of rechtspersoon, die eigenaar is van de grond waarop het tweede verblijf is opgericht, in de gevallen er geen concessiehouder, uitbater of verhuurder is.

Bedrag

Berekeningsgrondslag

Per tweede verblijf wordt de belasting als volgt vastgesteld:

  • 350 EUR per jaar en per tweede verblijf met een bruto-vloeroppervlakte kleiner of gelijk aan 150 m².
  • 450 EUR per jaar en per tweede verblijf met een bruto-vloeroppervlakte groter dan 150 m² of gelijk aan 250 m².
  • 550 EUR per jaar en per tweede verblijf met een bruto-vloeroppervlakte groter dan 250 m².

Regelgeving

Aangifteplicht

  • De belastingplichtigen zijn verplicht de belastbare elementen op te geven overeenkomstig een aangifte formulier hen toegezonden door het gemeentebestuur. Dit aangifteformulier dient jaarlijks vóór de erin vermelde datum teruggezonden te worden samen met de noodzakelijke bewijsstukken naar het gemeentebestuur.
  • Als de gegevens op dit aangifteformulier onjuist of onvolledig zijn of niet overeenstemmen met de belastbare toestand op 1 januari van het aanslagjaar moet de belastingplichtige dit formulier vóór de erin vermelde datum verbeterd en vervolledigd terugsturen. Het tijdig teruggezonden en gecorrigeerde of aangevulde aangifteformulier, geldt in dat geval als aangifte.

  • Zij die geen aangifte ontvangen hebben of belastingplichtig worden na de inzameling van de aangifteformulieren zijn verplicht spontaan de nodige gegevens aan het gemeentebestuur te bezorgen (is op basis van een blanco PDFformulier “Aangifte belasting tweede verblijven”) vóór 31 december van het aanslagjaar om de aanslag te kunnen berekenen.

  • De aangifte is laattijdig wanneer ze na de uiterste indieningsdatum is gepost, gemaild of wanneer ze ná de laatste nuttige dag wordt afgegeven tegen ontvangstbewijs. Hierbij geldt de postdatum of datum van ontvangst van de mail als bewijs.

Ambtshalve belasting

  • Bij gebrek aan aangifte, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd. Vooraleer wordt overgegaan tot de ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag, betekent het college van burgemeester en schepenen, aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag gebaseerd is evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van 30 dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen. 

Uitzonderingen

Vrijstellingen

  • Een woning die tijdelijk niet bewoonbaar is wegens lopende verbouwingswerken waarvoor een stedenbouwkundige vergunning voorgelegd kan worden. Deze vrijstelling kan voor betreffende woning slechts éénmaal worden toegekend aan dezelfde houder(s) van het zakelijk recht en geldt voor twee aanslagjaren.
  • Een woning die tijdelijk niet bewoonbaar is wegens het uitvoeren van grondige niet-vergunningsplichtige renovatiewerken moet er een renovatienota (zie standaardformulier dat ter beschikking gesteld wordt door de administratie) ter goedkeuring voorgelegd worden aan de administratie. Uit de renovatienota moet o.m. blijken dat de werkzaamheden al zijn aangevat vóór de datum van de kennisgeving van het aangifteformulier door de gemeente. Deze vrijstelling kan voor betreffende woning slechts éénmaal worden toegekend aan dezelfde houder(s) van het zakelijk recht en geldt voor twee aanslagjaren.
  • De belastingplichtige wordt ambtshalve vrijgesteld van de belasting op tweede verblijven als de woning of het gebouw ook is opgenomen in de gemeentelijke inventaris van leegstaande woningen en gebouwen.
  • De belastingplichtige wordt ambtshalve vrijgesteld van de belasting op tweede verblijven als hij of zij een logiesverstrekker is en belastingplichtig is voor de verblijfsbelasting, conform het vigerende belastingreglement met betrekking tot de verblijfsbelasting.