Genks zwembad aan de oevers van de Molenvijver

Gepubliceerd op maandag 8 april 2019 12.42 u.
Negentig jaar geleden rijpte de idee bij enkele sportieve Genkenaren om een zwembad in onze stad aan te leggen. Op de vraag naar een geschikte plaats antwoordde de toenmalige gemeenteraad dat de ‘gemeentebeemd achter de watermolen als zwemdok’ in aanmerking kwam.

Negentig jaar geleden rijpte de idee bij enkele sportieve Genkenaren om een zwembad in onze stad aan te leggen. Kort daarvoor was een zwemclub opgericht in Genk. Op de vraag naar een geschikte plaats antwoordde de toenmalige gemeenteraad dat de ‘gemeentebeemd achter de watermolen als zwemdok’ in aanmerking kwam.

 

Het idee kon aanvankelijk rekenen op heel wat enthousiasme, maar dat liep gaandeweg best wat averij op. Drie jaar later, in het begin van 1932, kreeg het ambitieuze plan een nieuwe boost: er werden 24 kleedruimtes geïnstalleerd. De volgende jaren wisselden positieve en negatieve geluiden rond de toekomst van het zwembad elkaar af.

 

Aanmodderen

Aanvankelijk vertoonde de zwemgelegenheid die de gemeente liet aanbrengen achter de watermolen veel gelijkenis met een modderpoel. Toeristen lieten er hun oog zelfs wat lacherig over glijden. Het Belang Van Limburg stipte in 1936 aan dat er vanuit hygiënisch oogpunt dringend iets moest worden ondernomen. In 1937 verklaarden de provincie Limburg en het Ministerie van Volksgezondheid zich principieel akkoord om een derde van de kosten voor een nieuw zwembad dat aan alle eisen uit die tijd beantwoordde op zich te nemen. Concreet ging het om ‘de aanleg van zwemdok, tennispleinen en park nabij de Molenvijver’.

Met de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog raakten de plannen ondergesneeuwd. Toch werd het zwembad niet losgelaten en bleef de som van 1,5 miljoen Belgische frank in de gemeentebegroting voorzien, zelfs nog in 1945. Na de oorlog ging de gemeente Genk ertoe over de bestaande zwemkom te betonneren. Vanzelfsprekend kon het zwembad zich verheugen in een grote toeloop. Er werd zelfs een zwemreglement uitgewerkt dat stelde dat iedereen er mocht komen zwemmen tot 21.30 uur. Gemengd zwemmen was de regel, maar er werd daarnaast voorzien in momenten ‘voor meisjes alleen’ en tijdstippen waarop enkel mannen het water in mochten.

 

Fietsen in het zwembad

‘Het zwembad woas hielegans èn beton gemoakt’, stelde Herman Lindmans in een artikel dat hij in 2014 voor Heidebloemke schreef. Aan beide kanten waren ijzeren laddertjes bevestigd waardoor zwemmers gemakkelijk het water in en uit konden. Toch waren ze des winters ook een obstakel voor jeugdige durfallen: ‘Asser gee woater èn het zwembad woas, dan lieëk het woal ’n onnergronse wielerpist mèt dei sjeinse kante’, laat Herman optekenen. Baanwielrennen in de net geïnstalleerde, maar lege zwemkom was een graag beoefende bezigheid in die jaren: ‘As kleen snoake hèbbe ve geperbeerd doo èn mèt de villoo te joagen.’

De Dorpsbeek, die je ook vandaag nog in het Heempark en het Molenvijverpark ziet, liep destijds via een betonnen kanaaltje over in het zwembad. Dat kanaaltje liep tussen het zwembad en de kleedcabines. De beek zelf vloeide onder het centrum door om het licht weer te zien in de buurt van De Slagmolen in Termien.

 

Een profetische droom wordt waar

Na de bevrijding ging alle aandacht naar de wederopbouw van onze – toen nog – gemeente. Toch slaagde Godfried Jeunen als voorzitter van turnkring J.E.M. erin het plan om een sportstadion, speelterreinen en gymnastiekzaal in Genk in te planten opnieuw op de agenda te krijgen. In eerste instantie gingen de beschikbare financiële middelen in het naoorlogse Genk naar werken aan de nieuwe kerk, het politiegebouw en het Sint-Jansziekenhuis. In 1949 werden de plannen voor een sportcomplex geklasseerd door de te moerassige ondergrond. Uiteindelijk werd in 1963 Isia Isgour als architect aangesteld om een sportcentrum te ontwerpen, dat op de huidige locatie in de Emiel Van Dorenlaan werd opgetrokken. Van de grootse plannen voor een moderne sportinfrastructuur in het centrum van Genk bleven na een langgerekt proces de Molenvijver en het Molenvijverpark over. En laat dat nu net de oorspronkelijke bedoeling zijn geweest. In 1927 werd er al voor geijverd een park in Genk aan te leggen dat zondagse wandelaars een wandelweg kon bieden met loofrijke struiken rondom de vijver – de Étang du Moulin zoals hij toen nog heette. Beter worden dromen niet meer bewaarheid.

 

Met dank aan de medewerkers van de Heemkring, Herman Lindmans en Renaat Huygen, die de woorden van Herman in het Genker op papier zette.

 

Klik hier om de volledige Horizon te lezen