Meer groen op Genkse bedrijventerreinen “We willen aangename werkplekken voor toekomstige generaties”

Gepubliceerd op woensdag 16 augustus 2023 9.04 u.
Persbericht van 16 augustus 2023

Stad Genk gaat werk maken van duurzamere bedrijventerreinen. Concrete acties moeten daartoe bijdragen: een integrale groenvisie voor Genk-Zuid, een groenregel die ondernemingen aanmoedigt om in groen te investeren en een efficiëntere benuttingsgraad van industriegrond. “Doel is om aangename werkplekken te creëren voor toekomstige generaties,” aldus Toon Vandeurzen, schepen van Economie en Duurzaamheid.

Duurzaamheid staat hoog op de agenda bij stad Genk. “We namen al heel wat initiatieven waarbij we samenwerken met onze inwoners, zoals tegelwippen, het inzetten van tuinrangers of het beschermen van onze erfgoedbomen”, zegt Toon Vandeurzen. “Nu willen we dus ook de bedrijventerreinen en onze ondernemers betrekken.”

Biodiverse bedrijfstuinen

De bedrijventerreinen zelf liggen aan de basis van een duurzame economie. Momenteel omvatten industrieterreinen Genk-Zuid, Genk-Noord en Zwartberg 1 een gezamenlijke bruto-oppervlakte van 1.800 ha. Het landschapsbeheersplan van Genk-Zuid wordt alvast geüpdatet in het kader van verduurzaming. Er volgt een integrale groenvisie die voorziet in bufferzones, openbaar groen en bedrijfstuinen. “Wat en hoe we zullen aanplanten, zullen we samen met de betrokken partners bekijken,” zegt schepen Vandeurzen. “Maar het is alleszins de bedoeling om meer biodiversiteit in de bedrijfstuinen te krijgen.”

Volgens de huidige ‘groenregel’ moeten ondernemingen op Genk-Zuid en Genk-Noord 15 procent van hun totale perceeloppervlakte als groenzone aanleggen. Sommige bedrijven zullen in een aangepaste regeling ook groene gevels, groendaken, hernieuwbare energie en aanplantingen op andere Genkse percelen in rekening kunnen brengen. “We willen hiermee de juiste balans vinden tussen economie en ecologie,” aldus Toon Vandeurzen. “Want industriegrond is schaars geworden. We moeten er zuinig mee omgaan: kwalitatief groen op de juiste plek is hier ons motto.”

Studie benuttingsgraad

De beperkte industriegrond efficiënt en effectief inzetten is dus de boodschap. Daarom zal de stad een studie naar de benuttingsgraad uitvoeren, waarbij ook onderzocht wordt of er samenwerkingen tussen bedrijven mogelijk zijn. “We denken bijvoorbeeld aan gezamenlijke hemelwaterbuffers of groenbuffers. Uiteindelijk willen we de ondernemingen via proefprojecten warm maken om ook hier ruimte voor vrij te maken.”

Maar duurzaamheid gaat verder dan louter groen. Het heeft ook betrekking op het delen van reststroom en ruimte, op duurzame mobiliteit, op circulaire initiatieven, hernieuwbare energie enzovoort.
“We kunnen niet anders dan vol inzetten op een duurzamere samenleving. Het bedrijfsleven is daarin een belangrijke partner,” besluit Toon Vandeurzen. “Uiteindelijk is het in ieders belang dat we op deze manier aangename werkplekken creëren waar toekomstige generaties een duurzame job kunnen uitoefenen.”