Natuurbeheer in Genk: jaarrapportage en toelichting

Vanmiddag namen schepen Toon Vandeurzen, samen met Rik Brys, deskundige ecologie bij stad Genk, geïnteresseerden mee op een wandeling in een stukje Genkse natuur. Geregeld vragen inwoners en bezoekers zich af waarom er gewerkt wordt in de natuur. Stad Genk, de groenste centrumstad van Vlaanderen, voert samen met haar partners een actief natuurbeheer. Dat is een absolute must om niet alleen de Genkse landschappen te vrijwaren maar ook om fauna en flora alle kansen te geven.

Sterk natuurbeheer

Genk beheert in totaal ongeveer 1.200 ha natuur, waarvan 1.086 ha bos, 116 ha heide en overige zoals beekvalleien, corridors, grasland… Schepen Toon Vandeurzen: “Via sterk natuurbeheer geven we (zeldzame) dieren en planten meer kansen. Waar het kan, geven we de natuur vrij spel. Het natuurbeheer in onze stad gebeurt zowel door stadsdiensten als door externe aannemers. De natuurploeg van het Milieu- en Natuurcentrum Heempark staat in voor het beheer van de heide, de opruiming van omgewaaide bomen op wandelpaden en boswegen, het maaien van graslanden, enzovoort. Grootschalig onderhoud, zoals bijvoorbeeld uitdunning van een bos, het openhouden van heidegebieden of de plaatsing van omheining voor de schaapskudde, besteden we uit. Stad Genk rekent voor haar natuurbeheer ook op een kudde schapen. Ook Natuurpunt is actief in Genk. De organisatie beheert het natuurreservaat De Maten, het Klotbroek, delen van de Stiemervallei, het Wik en de vallei van de Caetsbeek.”

Omvorming bossen

Toon Vandeurzen: “Een van de aspecten waar we de laatste jaren sterker op in zetten, is de omvorming van onze bossen. Veel van onze bossen zijn aangeplant of gezaaid om later te kunnen gebruiken voor de mijnbouw. In deze naaldbossen staan vaak dennen, Amerikaanse vogelkers of Amerikaanse eik. Deze soorten domineren sterk waardoor er heel weinig andere groeien. Om meer variatie te krijgen, moet je als beheerder ook zorgen voor goede bosranden. Om de omvorming van onze bossen en de aanpassing van de bosranden op het goede spoor te krijgen wordt er gekapt, worden exoten aangepakt en nadien planten we vaak nieuwe boompjes in het bos. Bossen spelen natuurlijk ook een grote rol in de natuurbeleving. Mensen kunnen er ontspannen, spelen en sporten. Daarom willen we ze ook toegankelijker maken en veilig houden.”

“Soms wordt er ook bos gekapt voor de aanleg van een straat, een parking of iets anders. Dat gebeurt niet om het bos beter te maken. Dan vraagt de stad een omgevingsvergunning volgens de voorziene procedures”, aldus schepen Vandeurzen.

Jeneverbes

Heel specifiek in Melberg en Kattevennen is dat een deel van de kappingen gebeuren in functie van jeneverbessen. Toon Vandeurzen: “Voor deze soort hebben we in Genk een heel grote verantwoordelijkheid. De grootste Vlaamse populatie van jeneverbessen is te vinden in As; de tweede grootste populatie in Genk. De jeneverbes (Juniperus communis) is van de weinige coniferen die van nature voorkomt in de Benelux. Jeneverbessen doen het slecht in Vlaanderen. Dit heeft te maken met hun beperkt verspreidingsgebied (de Kempen) en de groeiomstandigheden. Door grote bomen in de omgeving van de jeneverbessen te kappen, komt er meer licht tot de jeneverbessen. Nadien worden andere struiken rond de jeneverbessen verwijderd en wordt de grond los gemaakt. Dit geeft de jeneverbessen betere overlevingskansen.”

“We hebben hier niet alleen te maken met een belangrijk stuk natuur, jeneverbessen zijn ook belangrijk vanuit cultuurhistorisch standpunt. De besvomige vruchten worden gebruikt om tal van dranken en gerechten op smaak te brengen. De drank jenever dankt zijn naam aan deze plant. Wie weet kunnen we ook Genkse brouwers en stokers van sterke drank inspireren”, aldus schepen Vandeurzen.

Verkoop van hout

Natuur en bos hebben niet alleen een belangrijke ecologische en maatschappelijke functie maar ook duidelijk een economische functie. Naast heel wat ecosysteemdiensten die de natuur levert aan de maatschappij (zoals onder andere gezondheidseffecten door contact met de natuur, geluidsbuffer, koolstofopslag in biomassa/bodem, waardestijging vastgoed door omgevingsgroen, ….) die niet monetair worden gevaloriseerd, levert natuur ook inkomsten voor de stad, door middel van houtverkoop, subsidies, verpachting jachtrechten, …
Toon Vandeurzen: “Hout behoort tot de waardevolste hernieuwbare grondstoffen. Door een goed bosbeheer kunnen we hout van hoge kwaliteit oogsten. Daarom zorgen we minstens voor een evenwicht tussen gekapte bomen en nieuwe bomen. We geven de spontane ontwikkeling van bomen ook maximale kansen maar sturen waar nodig.”

Inkomsten versus uitgaven

Toon Vandeurzen: “Vaak horen we de ongefundeerde opmerking dat de stad bomen kapt omwille van deze inkomsten. Wel, uit de jaarrapportage 2020 blijkt dat de stad 258.464,33 euro inkomsten heeft vergaard. De beheerskosten voor enkel de exploitatie daarentegen lagen op 189.500 euro. Wetende dat de subsidie ecologische bosfunctie in 2020 hoger lag dan voorzien (we ontvingen we deze subsidie voor de jaren 2017, 2018, 2019 en 2020 (jaarlijks ongeveer 9.000 euro) allemaal in 2020, en dat in de beheerskosten de personeelskosten van de natuurploeg niet inbegrepen zijn, evenmin als de aankoop van bomen (een investeringkost van 106.161,33 euro) of rasters. Het mag duidelijk zijn dat het doel van het kappen van bomen hier niet te vinden is.”

Nieuwe bomen

“In onze aanpak kappen we dus bomen maar planten we er nog veel meer. In 2019 hebben we omwille van bosomvorming bomen gekapt in Kattevennen. Veel van de bomen die hier stonden waren zwaar beschadigd door stormen of dood (fijnspar door de letterzetter). Eind vorig jaar hebben we 2.681 nieuwe boompjes geplant op het terrein. Ook in het bodembos, waar we enkele jaren geleden kapten, werden afgelopen winter opnieuw bomen geplant, in totaal 5.700 stuks! Dit najaar planten we in het sportbos zo’n 3.000 bomen en ook in het bodembos en Klein Langerlo zijn er aanplantingen gepland”, zegt Toon Vandeurzen.

Op stap met de boswachter

Toon Vandeurzen: “Vaak krijgen we vragen over ons beheer. Wel, we leggen dat de Genkenaren met heel veel plezier uit, keer op keer. Deze maand organiseren we twee natuurwandelingen in aanwezigheid van de boswachter van Agentschap voor Natuur en Bos. We leggen uit wat we doen, en we luisteren graag naar alle ideeën en vragen. Op 19 juni is iedereen welkom, hier op de Melberg, op 22 juni is er een avondwandeling in het Zillebos.”

Ambitieus bomenbeleid

Genk heeft een lange traditie van zorg dragen voor haar bomenpatrimonium met een sterke focus op beheer. Toon Vandeurzen: “Naast het bosbeheerplan hebben we ook al jaren een laanbomenbeheerplan. Maar er staan natuurlijk nog veel meer bomen in Genk, onder andere bij particulieren in private tuinen, en ook hebben we aandacht voor bomen bij nieuwe woonontwikkelingen en verkavelingen. In het meerjarenbeleidsplan engageert Genk zich om haar natuur te versterken. Niet alleen in natuurgebieden, maar ook in wijken en industriegebieden liggen hiertoe kansen. Bomen dragen bij tot een versterking van biodiversiteit in deze omgevingen.”

Momenteel werkt stad Genk achter de schermen heel hard aan een nieuw, ambitieus en geïntegreerd bomenbeleidsplan waarmee de stad de groene identiteit van het Genkse landschap wil versterken en bewaren, en waarmee het bestuur ook het draagvlak en de waardering voor bomen wil vergroten. Doelstelling is om het huidige beleid aan te scherpen en te verfijnen en ook de Genkenaren meer te betrekken. Hierover bericht de stad in de komende maanden meer.

Visie beheer heidegebieden

Toon Vandeurzen: “We willen ook de natuurwaarden in de onze heidegebieden versterken met een heidebeheerplan. Zo een beheerplan legt het beheer vast voor de komende 24 jaar. De drie grootste heidegebieden (Opglabbekerzavel, Schemmersberg en Boxbergheide) hebben een totale oppervlakte van 115 hectare. Na een uitgebreide voorstudie is nu het visierapport voor dit beheerplan klaar, met een concrete invulling van onze ambities per gebied en de concrete doelstellingen voor de ecologische, sociale en economische functies. In deze fase weten we dus nu al wat we willen doen, in de volgende fase bekijken we hoe we dat gaan aanpakken. Als dit afgerond is, ergens ongeveer na de zomer, dienen we het plan in bij Agentschap Natuur en Bos.”